Lichtdrager
Terug
-
Editoriaal -
Wandel Mee
-
Links
&
Literatuur
Oktober 2004
Nieuwsbrief Editie nr 20
Beste lezer,
Zoals u merkt lukt het mij door omstandigheden niet meer om maandelijks u van
leesvoer te voorzien. Toch mag u op eerder onregelmatige basis nog een en ander
aan nieuwsbrieven verwachten.
Alvast heel veel verdieping gewenst rond de hierbij toegevoegde nieuwsbrief.
Met vriendelijke groeten
Du Meunier Eric
Het Regenboogpad
Zielengenootschappen en tweelingzielen in het bijzonder.
Op een of andere manier bekruipt me de behoefte om dit onderwerp
luchtig aan te pakken en tegelijk toch ook in alle ernst neer te zetten, ontdaan
van al zijn astrale geloofsovertuigingen.
Maar laat ons beginnen bij het begin. Blavatsky geeft in haar “Geheime
Leer” deel III reeds aan dat er in de esoterische literatuur zeer vele
onderwerpen in het licht zijn gebracht, maar dat er zeer weinig kennis en onderzoek
bestaat op het gebied van zieleverwantschappen.
Waar we in ieder geval van op aan kunnen is, dat wij als zielen in groepen incarneren
en dit dan nog binnen verscheidene geometrische vormen zoals een dodecaëder
bijvoorbeeld. Velen onder ons dienen dan ook stilaan de afgescheiden gedachte
los te laten dat wij als individuele systemen onze evolutie voltrekken. Diegenen
die zich niet kunnen voorstellen hoe bijvoorbeeld een dodecaëder er uitziet
in zijn ruimtelijke dimensie, kunnen via een of andere zoekmachine op het internet
hierin soelaas vinden.
Zielengroepen zijn talrijk en op een of andere wijze zijn ze steeds door karmische,
astrologische –en straalpsychologische factoren met elkaar verbonden.
Een heel ingewikkelde materie dus, want het karmische aspect op zich is reeds
uitermate complex en wij zullen nog jaren nodig hebben om het totaalbeeld te
begrijpen. (Wie onder u niet zo thuis is in de esoterische astrologie-en stralenpsychologie,
die beiden, wat hun toepassingen betreft, in hun embrionale fase zijn, kunnen
grasduinen in de boeken van Alice A. Bailey die hierover handelen).
Maar ik had u beloofd om het luchtig te houden, dus ik neem me voor dit onderwerp,
gezien ook de beperktheid van wat binnen een artikel mogelijk is, zeer sterk
te vereenvoudigen en hierin één zielenverwantschap wat sterker
naar voren te schuiven, omdat hierin de laatste periode nogal astrale en/of
populistische literatuur verschenen is, m.n. tweelingzielen.
Graag citeer ik om tot meer duiding te komen uit volgende zinvolle bronnen:
Uit LEZING Hannah van Buuren dd.okt ’94:
Wij denken dat de sexuele kracht er enkel is om te verwekken en te baren,
en voor ons eigen genot, maar een veel grotere eigenschap daarvan is dat tussen
de twee polen voortdurend een zodanige stroom staat dat wat er zich tussen beweegt,
opgeladen wordt om een stap verder te kunnen nemen.
Het is heel belangrijk te zien dat de sexuele kracht tussen twee polen, de scheppingskracht
dus, altijd een evolutionair-duwende functie heeft.
Uit het gevoel van afgescheidenheid de drang om die afgescheidenheid weer op te heffen. Voornamelijk in ….sexualiteit. In Sexualiteit ligt de herinnering aan de oorspronkelijke eenheid, en de herinnering werkt de verenigingsdrang in de hand.
Zonder wisselwerking is er enkel maar mogelijkheid tot voortborduren in verschillende thema’s, maar niet van wezenlijke veranderingen.
Maar in zijn zuivere vorm geeft de weg van de twee samen de kracht om het goddelijke zichtbaar te maken.
Mensen als Alice Bailey, maar ook anderen, wijzen erop dat
mensen wier bewustzijn zich opent, zich zullen verenigen, maar niet meer vanuit
stoffelijke drang (lees verliefdheid, passie) maar vanuit de drang in hun Wezen.
Zij voelen zich niet tot elkaar aangetrokken zoals dat anderen gebeurt: aangetrokken
door het lichaam, of door de manier van zijn, of door gemeenschappelijkheid
in denken en wereldbeschouwing. Ze worden geduwd, en begrijpen eerst niet waarom
dit gebeurt. Er is niets opwindends aan, er is alleen maar een duwkracht waaraan
ze gehoorzamen. Dan beginnen ze te beseffen dat een taak in de evolutie hen
samen wacht. Die taak omvat een levende bijdrage leveren aan de veranderingsprocessen
van de mensheid.
Deze tweetallen herkennen elkaar daarin, en herkennen ook zichzelf daarin, als
tegenpolen. Niet als menselijke tegenpolen, want het kunnen ook twee mannen
zijn of twee vrouwen, maar als ziele-tegenpolen. Als ziele-tegenpolen weten
ze, op niveaus die dieper gaan dan het persoonlijke, op wezens-niveaus dus,
dat ze dit werk met elkaar moeten uitvoeren, omdat ze een tweetal kunnen zijn
waartussen zo’n krachtveld ontstaat dat daardoor een nieuw type mens ontstaat.
Zij leren aan elkaar de erotische kracht te gebruiken, maar nu op een hoger
niveau dan het tot nu toe gangbare. Nu vanuit de Ziel. Net zoals indertijd tussen
het tweetal de persoonlijkheid kon ontwaken, kan nu tussen dit tweetal de nieuwe
mens ontwaken, de godmenselijke mens, de mens die ook bewust vanuit de geest
leeft.
Als zo’n tweetal bijeengebracht wordt, moeten zij huis en haard verlaten,
want deze vanuit-de-ziel-erotische-lading verstaat zich niet met gangbare conventies
en met de gangbare omgrenzingen. Zij verlaten hun leven zoals dat was, en bouwen
samen een nieuw op.
Aanvankelijk is daar grote aandrang van hun zielen en begeleiders voor nodig,
omdat zij niet verliefd op elkaar zijn, en omdat ook andere prikkels ontbreken
waarop mensen gewoonlijk besluiten om met elkaar te gaan samenwonen. Toch is
juist dat lijflijke samenwonen essentieel voor de opbouw van dat twee-veld,
net zoals het lijflijke samenwonen essentieel is voor het vormen van een twee-veld
tussen ‘gewone’ ouders. De stoffelijke ruimte blijft in het opbouwen
van dit twee-veld meespelen. Het kan niet buiten
de stof.
Als zij dan tot samenwonen besluiten, na veel aandrang van hun ziel, na huis
en haard verlaten te hebben, en na veel innerlijke strijd omdat ook zij moeite
hebben met zoiets nieuws en ongewoons, beseffen zij alras dat juist deze daad
ook een vorm van scheppingskracht oproept die henzelf snel en intens verandert.
Omdat de daad van een ruimte delen, in grote ziele-liefde, nu op dit niveau
de scheppingskracht oproept. En dat niet alleen: dat het ook een krachtveld
oproept waarbinnen de mensen met wie zij te maken krijgen een zeer sterke vernieuwende
invloed ondergaan. Zij leren dat krachtveld te hanteren, en de mensen die erin
komen, zijn als de kinderen vroeger in het gezin: zij krijgen de lading en het
voltage waardoor zij stappen vooruit kunnen doen.
Nu ligt het proces van zo’n tweetal erin dat zij de krachten waarin het
heelal evolueert, leren kennen en leren hanteren. En de erotische kracht op
dit niveau, juist op dit niveau is daar één van de voornaamste
van. Het is de kracht waarvan wel de voortplanting en het plezier ontdekt zijn,
maar het voornaamste ervan nog nauwelijks is herkend: het opbouwen van een opstuwend
krachtveld voor derden, op wélk niveau dan ook nauwelijks ontdekt is.
Deze tweetallen vormen zo’n krachtveld steeds opnieuw.
In dat krachtveld groeien zij zelf, zoals ouders dit ook altijd deden, maar
nu op bewustzijnsniveau. Ik bedoel daarmee dat tot nu toe de kracht werkte op
de inhoud van het bewustzijn van
de derde: op de ik-vorming, op de evolutionaire groei van de persoonlijkheid
daartussen in. Maar bij deze twee-velden werkt de kracht op het leren hanteren
van het bewustzijn zelf. In dit twee-veld voeden en onderwijzen zij de mensen
die speciaal hierom naar hen toe komen. Zulke tweetallen – en het gaat
om mensen wier bewustzijn zich fundamenteel geopend heeft – zijn de broedplaatsen
voor de nieuwe mens. De inwijding die het oude-mens-zijn verlaten en het nieuwe
mens-zijn omvat, moet tijdens het leven genomen worden. Deze tweevelden zijn
daar een geëigende ‘broedplaats’ voor. Binnen deze broedplaatsen
wordt stap voor stap de nieuwe mens geboren die, zoals Johannes zegt: die niet
uit bloed, ook niet uit vlees, en ook niet uit de wil van een man, maar uit
God geboren is.
(einde citaat)
Nog belangwekkende info hierover is te vinden bij devolgende
bron:
UIT RAMALA (de boeken van Ramala zijn een drieluik
en onder die naam gekend)
Diegenen van u die ver genoeg zijn ontwikkeld om met uw zielsverwanten, met de andere helft van de manifestatie van uw ziel in de schepping te trouwen, moeten zich bedenken, dat het hun verantwoordelijkheid is, om weer samen te groeien en om uiteindelijk weer één te worden, zoals dat voorbestemd was.
Alle ontwikkelde zielen zijn echter hier om de spiritualiteit
van het huwelijk te leren ervaren, want uiteindelijk zal het laatste huwelijk
dat zij in een fysieke lichaam op Aarde zullen sluiten, zijn met hun echte zielsverwanten,
hetgeen zal resulteren in de vereniging van hun zielen tot één
complete evenwichtige vonk van bewustzijn.
Als zij dit bereikt hebben, mogen zij zichzelf zien als adepten van de hoogste
orde.
Het is erg belangrijk voor u te begrijpen dat ontwikkelde zielen hun huwelijkspartner
met net zo veel zorg uitkiezen als hun moment van geboorte en sterven.
Oude zielen kiezen hun partners vanuit hun hart.
Het is de herkenning tussen twee zielen die één worden en het
erkennen van de kracht die dit samensmelten voortbrengt – een kracht die
niet kan worden genegeerd.
Zij trouwen om de mensheid en de kosmos van dienst te zijn. Zij trouwen om het principe van het huwelijk te dienen, niet ten dienste van zichzelf, maar voor de mensheid en de hele wereld.
Uiteindelijk zal na vele cycli van evolutie het moment komen dat uw geest, uw wezen zich zal versmelten met zijn andere helft, zijn affiniteit, zodat u een perfecte, gerealiseerde eenheid wordt, een volledig evenwichtig aspect van energie dat in staat is een God te zijn en in heelheid en heiligheid te scheppen.
Een huwelijk is daarom niet conflictloos; maar liefde kan in een conflict, een ruzie aanwezig zijn.
Als de andere helft van de schepping met u samenleeft, maakt
de evenwichtige en harmonische samensmelting deze twee creatieve energieën
tot een geheel en dit leidt tot de drieëenheid van de Schepping. Door deze
scheppingservaring, door de ervaring van het evolutionaire proces van het huwelijk
stijgt u naar een ander niveau van leven, naar een hoger niveau van zijn en
keert u terug naar de bron. De twee wordt drie en keert zo terug tot het Ene.
(einde citaat)
Sri Aurobindo
zegt over tweelingzielen hetvolgende:
“De hoogste staat van menselijke Liefde is…de eenheid van één
ziel in twee lichamen!”
(einde citaat)
In alle bescheidenheid, meen ik hier te mogen zeggen dat het
in mijn leven een voorrecht is bewust in de ervaring van tweelingzielengenootschap
te mogen staan.
Dit heeft mijn levenspad sterk gekleurd, zelfs gedeeltelijk overhoop gehaald
en heeft een zeer nadrukkelijke impact op mijn dagelijks functioneren omdat
het pogen tot vereniging te komen van tweelingzielen niet zo’n evidente
zaak is, erg veel energie vraagt, en lang niet altijd zo romantisch en harmonisch
verloopt dan wat bepaalde schrijvers in hun boeken laten uitschijnen.
De weg naar elkaar toe verloopt soms met erg veel pijn en lijden, tot in de
existentiële diepten.
Maar wie deze weg kent en ervaart, weet waar zij of hij mee bezig is en zet
dan ook door ondanks soms omstandigheden en inderdaad, op de meer samengaande
momenten zijn woorden totaal ontoereikend om aan te geven hoe vreugdevol, intens
zaligmakend en grensverliezend-eenheidservarend tweelingzielenvereniging kan
zijn. Of zoals een spirituele vriend mij schreef: Het pad van hereniging van
tweelingzielen is een pad dat de transformatie tot stand brengt van lood naar
goud.
Als slot van dit artikel nog een vrijblijvende uitnodiging:
wie er behoefte toe voelt om hierover in uitwisseling te gaan of met vragen,
wensen of voorstellen zit, kan zich wenden naar mijn e-mailadres:
eric.dumeunier@skynet.be
In zielengroepsverbinding
Du Meunier Eric